
Ik heb een traan voor de dag,
En een traan voor de nacht.
Een traan voor als ik verdrietig ben,
En één waardoorheen je lacht.
Ik heb een traan voor m’n “Au!”
En voor: “Waar ben je nou?”
Een traan voor: “Dat wil ik niet!”
En ook een traan die niemand ziet.
Gedicht van Connie Vollenhoven